Je vroeg me kom je langs,
want ik wil even met je praten.
Ik stapte op mijn fiets,
Werd door pa binnengelaten.
Toen ik de kamer in kwam lopen,
Je zag zitten in jouw stoel,
Wist ik dat er iets vreselijks zou komen,
Want dat zei mijn voorgevoel.

En met een moegestreden blik,
Keek jij me aan zei
Lieverd Kom even rustig zitten,
Want er is iets mis met mij.
Je legt mijn handen in de jouwe,
Ik voel je angst en je verdriet.
Met een bibberende stem zeg jij me,
Lieverd, ik ben ongeneeslijk ziek.

Er rolt een traan over je wangen,
Die zijn weg vindt naar benee.
Ik Probeer nog te ontkennen,
Door te schreeuwen nee nee nee.
Want ik wil nog zoveel met je delen,
Ik wil nog zoveel met je zien.
En eigenlijk kan ik niet zonder jou,
Maar bovendien, waar heb jij dit aan te danken,
Waar heb jij dit aan verdiend.
Na al die jaren liefdevol te geven,
Zonder zelf iets terug te hoeven zien.

Ik weet dat ik je los moet laten,
Want ik kan niet met je mee.
We zullen afscheid moeten nemen,
God, wat is dit een raar idee.
Ik zal je hand los moeten laten,
Ik zal jou moeten laten gaan.
Ik zal jou vreselijk moeten missen,
Ik zal op eigen benen moeten leren staan.

De laatste dagen van jouw leven,
Waren onbeschrijfelijk mooi.
Veel gelachen, veel gehuild,
Vergeten doe ik nooit.
Nu loop ik rond in jouw verleden,
Terwijl je niet meer bij me bent.
Want jij bent in een andere wereld,
Bestemming, bestemming onbekend.

Maar nog steeds ben jij een deel van mijn bestaan
Omdat jij nooit uit mij zult gaan
Want in mijn hart draag ik jou altijd met me mee.
Met me mee …… (2x)