Ik ben de baas doe wat ik wil,
Ik hou me voor niemand anders stil.
Ik draag een kroon das heel gewoon,
Ik zit op de hoogste troon.

Jij draagt een dure gouden ring,
Das heel normaal in onze kring.
Jij draagt een mantel van satijn,
Jij drinkt alleen de beste wijn,

Want ik ben de koning,
En jij bent mijn koningin.
Ik ben meer dan de keizer, 
En jij bent meer dan de keizerin.
Want ik ben de koning,
En jij bent mijn koningin.
Wij zijn de baas der bazen,
En er komt niemand tussen ons in.

Wij slapen in een gouden bed,
Wij leven ver boven de wet.
Wij wonen in een droompaleis,
Voor een veel te hoge prijs,

Want ik ben de koning,
En jij bent mijn koningin.
Ik ben meer dan de keizer, 
En jij bent meer dan de keizerin.
Want ik ben de koning,
En jij bent mijn koningin.
Wij zijn de baas der bazen,
En er komt niemand tussen ons in.


‘’
Hé lieverd, ik eet vanavond niet mee hoor. Ik ben heel laat thuis. Okay, hoi hoi.

Weetje, van mij hoef je helemaal niet meer terug te komen, vuile rotzak!

O, gaan we die kant op? Gaan we weer die kant op? Is goed, is goed! Is goed! Laat maar helemaal zitten! Is goed!
‘’